|
Klinisch onderzoek
Uiteraard is er tegenwoordig ook ander onderzoek nodig dan dat van de
methode Hahnemann, zoals praktijkregistratie en dubbelblinde,
placebo-gecontroleerde onderzoeken. Deze laatste onderzoeken waarbij niemand
weet wat hij krijgt, het experimentele middel of het placebo, worden bij de
beoordeling van veel medische behandelingen toegepast.
Dubbelblinde, placebo-gecontroleerde onderzoeken
hebben ondertussen aangetoond dat homeopathie werkt. De werking kon niet
worden toegeschreven aan het zogeheten placebo-effect, het effect dat je
hebt als je een pilletje neemt waar niets inzit. Overigens hebben resultaten
in de homeopathische diergeneeskunde, waar het psychologisch effect van de
placebo niet werkt, dat al eerder uitgewezen. Homeopathische artsen over de
hele wereld houden nauwkeurig bij welke geneesmiddelen welk effect hebben
bij welke patiënten uit hun praktijk. Via vele tijdschriften en congressen
wordt deze kennis verspreid en gedeeld met anderen. Homeopathie is dus geen
suggestie.
In 1991, 1996, 1997 en 1999 zijn de resultaten gepubliceerd van
meta-analyses. Deze tonen aan dat het effect van homeopathie niet
uitsluitend toe te schrijven is aan placebo (zie 1, 2, 3, 4). Overigens
pleiten alle onderzoekers voor verder onderzoek van goede kwaliteit.
Uit onderzoek in 2000 blijkt dat homeopathische verdunningen bij hooikoorts
beter werken dan placebo (zie 5).
In 2001 verschijnt de internationale IIPCOS 1-studie naar de effecten van
homeopathie bij allergie, luchtwegaandoeningen en oorklachten. Uitkomst is
dat bij deze aandoeningen homeopathische behandeling tenminste even
effectief is als conventionele zorg. De tevredenheid van de patiënten over
de behandeling is in de homeopathisch behandelde groep groter dan in de
regulier behandelde groep (zie 6).
1. Meta-analyse
Clinical trials of homeopathy
J Kleijnen., Knipschild P., ter Riet G.
British Medical Journal 1991; 302, p. 316-323.
In deze meta-analyse zijn 107 onderzoeken op kwaliteit onderzocht; 77% van
deze onderzoeken bleken positief uit te vallen voor de werking van de
homeopathie. Bij onderzoeken van hoge kwaliteit vallen de resultaten nog
beter uit ten gunste van de homeopathie.
Conclusie: bij het merendeel van de onderzoeken bleek homeopathie beter
resultaat te hebben dan placebo. Deze uitkomst zou waarschijnlijk voldoende
overtuigend zijn als het zou gaan om een reguliere behandeling voor een
bepaalde aandoening. Omdat de onderzoekers de werking van homeopathische
geneesmiddelen minder plausibel achten, vinden ze dat er meer onderzoek
nodig is.
2. Meta-analyse
Critical literature review on the effectiveness of homeopathy: overview of
data from homeopathic medicine trials
Boissel J.P., Cucherat M., Haugh M., Gauthier E. , Homeopathic Medicine
Research Group. Report to the European. Commission, Brussels 1996, Chap.11,
p.195-210.
In deze meta-analyse werden 15 studies kritisch geëvalueerd met strikt
omschreven criteria. Conclusie: bewezen is dat homeopathie beter werkt dan
placebo. Weinig aanwijzingen voor publication-bias. Publication-bias wil
zeggen dat het resultaat van de analyse wezenlijk beïnvloed zou kunnen zijn
door onderzoeken met negatief resultaat voor de homeopathie die niet zijn
gepubliceerd. Dat is dus niet het geval.
3. Meta-analyse
Are the clinical effects of homeopathy placebo effects? A meta-analyses of
placebo-controlled trials.
Linde K., Clausius N., Ramirez G., Melchart D., Eitel F., Hedges L.V., Jonas
W.B.
The Lancet 1997; 350, p. 834-843.
Bij deze meta-analyse werden 89 studies betrokken. De onderzoekers
concluderen dat de resultaten van al deze studies niet compatibel zijn met
de stelling dat de klinische effecten van homeopathie uitsluitend toe te
schrijven zijn aan placebo. Geen aanwijzingen voor publication-bias. Meer
onderzoek is nodig.
4. Unconventional medicine, Final report of the
management committee 1993-1998
European Commission, Directorate-General Science, Research and Development:
COST Action B4, (EUR 18429 EN; Supplement 1999 (EUR 19110 EN).
De hypothese dat homeopathie geen effect heeft, kan worden verworpen op
grond van de bestaande klinische literatuur (waaronder de eerder genoemde
onderzoeken). Opnieuw pleiten er onderzoekers voor meer onderzoek.
5. Randomised controlled trial of homoeopathy
versus placebo in perennial allergic rhinitis with overview of four trial
series
Taylor, M., Reilly, D., Llewellyn-Jones, R., McSharry, C., Aitchison, T.
Britisch Medical Journal 2000; 321 p. 4716.
Onderzoek bij 51 patiënten met hooikoorts. Conclusie: eerdere bevindingen
dat homeopathische verdunningen beter werken dan placebo worden bevestigd.
Lewith e.a kon deze bevindingen niet bevestigen (BMJ 2002;324:520).
6. Homeopathy and conventional medicine - an
outcome study comparing effectiveness in a primary care setting
Reilly D., Fischer M., Singh B., Haidvogel M., Heger M.,
Journal Alternative & Complementary Medicine (7) 2, 2001, p.149-159.
Homeopathie blijkt tenminste net zo effectief als conventionele medische
zorg bij de behandeling van patiënten met bovenste en onderste
luchtwegaandoeningen (incl. allergie) en oorklachten. (Onderzochte groep:
500 patiënten).
|

|